In welke gevallen is een kroon nodig?

Een kroon wordt overwogen wanneer een tand te zwaar beschadigd is voor een gewone vulling: groot gaatje, breuk, oude uitgebreide restauratie, wortelkanaalbehandelde tand of een belangrijke esthetische wens.

Kronen, bruggen en prothesen

Een kroon is een kap die het hele zichtbare deel van de tand bedekt. Ze geeft de tand zijn vorm, stevigheid en uiterlijk terug wanneer de resterende structuur niet meer volstaat om een klassieke vulling te dragen.

De meest voorkomende situaties zijn een uitgebreid gaatje, een gebarsten of gebroken tand, een verzwakte wortelkanaalbehandelde tand, een oude grote vulling die achteruitgaat, of een sterk verkleurde of misvormde tand.

Een kroon dient ook als zichtbaar deel op een implantaat, of als pijler voor een brug die een ontbrekende tand vervangt.

Wanneer het weefselverlies beperkter is, bestaan er meer conserverende oplossingen, zoals een inlay, een onlay of een facing. De tandarts kiest samen met u de optie die zoveel mogelijk van de natuurlijke tand behoudt en tegelijk zorgt voor een duurzaam herstel.

Dit is een algemeen antwoord. Alleen een consult in de praktijk kan uitwijzen wat bij uw situatie past.

Andere vragen in deze rubriek

WhatsAppBellen